De Nederlandse economie groeit nog, de Duitse niet, en dit is waarom

Het bekende gezegde luidt: wanneer Duitsland niest, wordt Nederland verkouden. Maar waar de Duitse economie in het tweede kwartaal met 0,1 procent kromp, groeide de Nederlandse economie juist met 0,5 procent. Geen koutje dus voor Nederland, of wel? NU.nl bespreekt het met Carsten Brzeski, hoofdeconoom bij ING Duitsland.

Waarom hapert de economie bij onze oosterburen?

Veel heeft te maken met de Duitse auto-industrie, vertelt Brzeski. Automakers als Mercedes, Volkswagen en BMW, die normaliter de kar trekken in Duitsland, lijden onder het handelsconflict tussen de Verenigde Staten en China en de vertragende wereldeconomie.

Ook zijn er in het eerste kwartaal golfbewegingen ontstaan, zegt de ING-econoom. “De milde winter zorgde bijvoorbeeld voor flink meer activiteit in de bouwsector”, aldus Brzeski. En wat in het eerste kwartaal gebouwd werd, kan nu niet meer gebouwd worden, waardoor deze sector het in het tweede kwartaal minder goed deed.

Ook de naderende Brexit leidde tot zo’n golf, vertelt Brzeski. Door het gehamster schoten de verkopen in het eerste kwartaal omhoog. Deze voorraadkasten zitten nu echter vol, waardoor de handel tussen het Verenigd Koninkrijk en Duitsland flink is afgenomen.

Nederland lijkt niet dezelfde problemen te hebben als Duitsland. Hoe komt dat?

Nederland is iets minder gevoelig voor problemen in de echte traditionele maakindustrie, stelt Brzeski, doelend op bijvoorbeeld de auto-industrie. Duitsland leunt veel sterker op deze maakindustrie en heeft hierdoor volgens de econoom jarenlang de vruchten kunnen plukken van de vraag in opkomende markten van industrieproducten.

“De Nederlandse economie is meer gericht op diensten”, legt de ING-econoom uit, “Nederland is hierdoor iets minder gevoelig voor problemen in de maakindustrie. ‘Elk nadeel heb dus zijn voordeel.'”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *